Verliest de Turkse economie z’n glans?

Verliest de Turkse economie z’n glans?

823
0
Turkijeinzichtlezing

TurkijeinzichtlezingAmsterdam – Het slechte nieuws is dat de zomervakantie weer voorbij is, maar het goede nieuws is dat de NTFF lezingen weer van start zijn gegaan. Woensdag 17 september was het tijd voor de zesde lezing van de serie ”Inzicht in Turkije” op het NTFF kantoor aan de P.C. Hooftstraat. De sprekers van de avond waren Marc Guillet, journalist en auteur Business Guide Turkije, en Rob Rühl, hoofd Business Economics van ING Global Market Research in Amsterdam. De avond stond geheel in het teken van de Turkse economie. Verliest de Turkije – de groeiparel aan de Bosporus – haar glans, of ziet de toekomst er rooskleurig uit?

Marc Guillet begon zijn essay door eerst terug te blikken naar belangrijke periodes uit het verleden van de Turkse economie. Allereerst werd er teruggeblikt naar de jaren ’80 en ‘90. Een periode die gekenmerkt wordt door instabiliteit en onvoorspelbaarheid. Het was tevens het politieke tijdperk van de econoom, politicus, minister en president van Turkije: Turgut Özal. Deze charismatische politicus staat vooral bekend om het stimuleren van de vrijemarkteconomie, net als zijn idolen en tijdgenoten Ronald Reagon en Margaret Thatcher.

Een andere belangrijke periode uit het verleden van de Turkse economie is de politieke crisis die begon op 19 februari 2001. Deze datum is de geschiedenis in gegaan als ‘zwarte woensdag’.

Marc Guillet: “Een politieke vertrouwenscrisis tussen premier Bülent Ecevit en president Ahmet Necdet Sezer storte Turkije in de grootste economische crisis sinds de tweede wereld oorlog. Maar liefst 17 banken vielen om, de Turkse lira verloor bijna al haar waarde en duizenden werknemers verloren hun baan en inkomen. Paniek alom. Turkije stond dan ook bekend in deze periode als de ‘zieke man van Europa’. Iedereen begreep dat er drastische maatregelen nodig waren om de Turkse economie weer op de rails te krijgen.”

Verliest_de_Turkse_economie_zn_glans

De politiek onafhankelijke econoom Kemal Derviş werd in maart 2001 benoemd tot minister van economische zaken. “Hij werd gezien als de reddende engel en begon voortvarend met een radicaal programma van structurele hervormingen om de Turkse economie gezond te maken en te moderniseren. De verziekte banksector kreeg strenge richtlijnen opgelegd en de centrale bank werd politiek onafhankelijk en kreeg voor het eerst een toezichthoudende rol. De inflatie werd getempt en de Turkse lira kwam eindelijk in rustig vaarwater terecht.”, aldus Marc Guillet.

AKP
In 2002 kwam de AKP (AK Parti) aan de macht. De oude partijen kregen de rekening gepresenteerd voor het veroorzaken van de crisis. De economisch liberale en sociaal conservatieve AKP won in 2002 een ongekend grote meerderheid in het parlement onder leiding van Recep Tayyip Erdoğan. Marc Guillet: “De AKP won alle 9 verkiezingen in de afgelopen 13 jaar met indrukwekkende cijfers. Economisch gezien ging het met het nieuwe Turkije onder AKP bewind erg goed. Buitenlandse investeringen (FDI) schieten omhoog, de inflatie zakt voor het eerst in 30 jaar onder de 10%, de schuld van 23,5 miljard dollar aan het IMF is in 2013 afbetaald, de middenklasse groeit van 20% naar 40% en het nationaal inkomen is verdrievoudigd. De ambitie om van Turkije een sterke economie te maken kent echter wel haar schaduwkanten. De arbeidsomstandigheden in de bouw, de naaiateliers, de steenkolenmijnen, de landbouw en de toeristenindustrie zijn vaak heel beroerd. De mijnramp in Soma waarbij 301 werknemers om het leven kwamen is een schokkend voorbeeld van de nalatigheid bij het toepassen van de veiligheidsvoorschriften door de exploitant en de controle daarvan door de overheid. Turkije heeft in vergelijking met andere OESO landen een zeer slechte reputatie wat betreft de regels die de veiligheid van de werknemers moeten bevorderen. Dodelijke bedrijfsongevallen nemen dan ook nog altijd toe.”

Toekomst
“De burgeroorlogen in Irak en Syrië, alsmede de hernieuwde crisis in de drie grootste economieën in de eurozone – Duitsland, Frankrijk en Italië – zullen negatieve effecten hebben op de groei van de Turkse economie is 2014. Deze groei zal naar verwachting zakken naar 3,5%, maar is daarmee nog wel de snelst groeiende economie van Europa. Naast deze negatieve effecten zijn er ook enkele lichtpuntjes. Er zijn hogere exportcijfers tot nu toe dit jaar, er zijn meer toeristen dan verwacht en er is een dalend handelstekort waardoor het tekort op de lopende rekening blijft afnemen.”, aldus Marc Guillet.

Wat betreft de Turkse economie is Recep Tayyip Erdogan helaas wel een meester in het vervreemden van zijn buitenlandse partners. De spanningen met de Verenigde Staten zijn snel opgelopen, Europese investeerders zijn zeer sceptisch, de relatie met Israël is nog steeds gespannen en de banden met Saoedi-Arabië zijn verzuurd. In de tussentijd lijkt Ankara de droom van een toetreding tot de Europese Unie te hebben opgegeven. Dan blijft er enkel nog de lichte diplomatische vooruitgang met Iran over en enkele vrienden in Oost-Azië en het Rusland van Vladimir Poetin.

“Is het allemaal kommer en kwel? Nee, de fundamenten zijn goed. De Turkse economie heeft zijn veerkracht bewezen in de afgelopen crisis periode.”, aldus Marc Guillet.

Conclusies van Marc Guillet:

– De ‘groeiparel aan de Bosporus’ heeft zijn glans verloren.

– De structurele zwakheden zijn duidelijker geworden.

– De wispelturige economie is afgenomen.

– De Turkse economie heeft haar veerkracht bewezen.

– De fundamenten zijn goed.

– Ontsnappen uit de ‘middle income trap’ is alleen mogelijk wanneer:

    • …de kwaliteit van het onderwijs omhoog gaat.
    • …justitie volledig onafhankelijk wordt.
    • …er meer buitenlandse investeringen komen.
    • …het budget R&D voor innovatie drastisch omhoog gaat.
    • …productiviteit en concurrentiekracht omhoog gaan.

Als afsluiting van de lezing ging Rob Rühl, hoofd Business Economics van ING Global Market Research in Amsterdam, commentaar plaatsen bij het essay van Marc Guillet en zijn analyse over de Turkse economie. In grote lijnen kon Rob Rühl zich goed vinden in de analyse.

“Ik deel de problematiek omtrent de politieke situatie in Turkije, omdat ik zie hoe dit de groei kan belemmeren, maar ik ben wel de laatste tijd optimistischer geworden. Een paar maanden geleden dacht ik dat dit helemaal fout zou gaan door de financiële bemoeienis van Erdogan. Door financiële bemoeienis van Erdogan kan de financiële markt in Turkije het land afstraffen. Gelukkig is het zover niet gekomen. Alles is aanwezig in Turkije om er een successtory van te maken. Als de politiek het maar niet verprutst.”, aldus Rob Rühl.